Print deze werkafspraak

Atriumfibrilleren

Algemeen

Atriumfibrilleren (AF) is een hartritmestoornis waarbij het ritme volledig onregelmatig en meestal versneld is. De diagnose wordt gesteld op basis van een kenmerkend ECG-beeld. Het kan leiden tot ernstige complicaties, in het bijzonder tot een ischemisch CVA. De meeste patiënten met AF in de huisartsenpraktijk zijn ouder dan 75 jaar en hebben co-morbiditeit. Onderdeel van de behandeling van AF is de indicatiestelling en het voorschrijven van antistollingsmedicatie.

Deze werkafspraak beschrijft:
  • Afspraken over wel/niet verwijzen naar cardiologie (zowel poli als Eerste Hart Hulp)
  • Afspraken over het verrichten van echocardiografie bij start DOAC
  • Indicaties en voorschrijven van antistolling (DOAC of VKA)

Spoed

Direct per ambulance:
  • Patiënt is hemodynamisch instabiel (neiging tot cardiogene shock, astma cardiale of acute verergering van chronisch hartfalen).
  • Patiënt heeft tevens instabiele angina pectoris (in rust).

Direct overleg met cardioloog:
  • Jonge patiënt (arbitrair < 75 jaar) heeft < 48 uur AF; een cardioversie (ECV) is dan vaak succesvol en zou zonder antistolling kunnen plaatsvinden.

Direct overleg met de cardioloog overwegen:
  • Oudere patiënt (arbitrair > 75 jaar) heeft < 48 uur AF met daarbij veel klachten van de hoge volgfrequentie (vaak > 150/min.); evt. cardioversie zonder antistolling.
  • Patiënt heeft recidief AF (na eerdere cardioversie) en veel klachten van de hoge volgfrequentie.
Dan bellen met de dienstdoende cardioloog via telefoonnummer (033) 850 87 01.

Verwijscriteria

Zie ook stroomdiagram:
  • Leeftijd < 75 jaar met > 48 uur bestaand atriumfibrilleren: verdere diagnostiek geïndiceerd;
  • Ventrikelfrequentie < 50/min zonder frequentieverlagende medicatie: beoordeling of pacemaker geïndiceerd is;
  • Persisterende klachten ondanks adequate ventrikelfrequentie (mogelijke indicatie voor cardioversie of chirurgische interventie);
  • Onvoldoende daling van de ventrikelfrequentie door digoxine en bètablokker en (vermoeden van) hartfalen;
  • Onvoldoende daling van de ventrikelfrequentie ondanks gebruik van 2 frequentieverlagende middelen (mogelijke indicatie voor cardioversie of chirurgische interventie);
  • Vermoeden van hartklepafwijking en/of hartfalen (indicatie voor echodiagnostiek);
  • Aanwezigheid van het Wolff-Parkinson-Whitesyndroom of wanneer in de familie van de patiënt plotse hartdood voorkomt;
  • Paroxismaal atriumfibrilleren (PAF), wanneer de patiënt medicamenteuze behandeling ter preventie van aanvallen of vermindering van het aantal aanvallen wenst. Omdat contra-indicaties voor het gebruik van antiaritmica moeten worden uitgesloten, stelt de huisarts deze behandeling niet zelf in.

Exclusiecriteria

Patiënten > 75 jaar met AF zonder of met weinig klachten. Zij worden door de huisarts behandeld. Hierbij stelt de huisarts tevens de indicatie voor antistolling en schrijft deze voor.

Huisarts: voorbereiding

Stelt de diagnose AF op basis van een ECG. Behandelt zelf de patiënt > 75 jaar met AF inclusief het voorschrijven van antistolling. Vraagt bloedonderzoek aan: nierfunctie, Hb, TSH, leverfunctie. Vraagt echocardiografie aan bij indicatie DOAC. Verwijst zo nodig naar cardioloog.

Info aan de specialist

Vraagt echocardiografie aan en vermeldt in de aanvraag: ‘eerste beoordeling t.b.v. DOAC: Valvulair Atriumfibrilleren?’

Verwijst via Zorgdomein, geeft Zorgdomeinnummer aan de patiënt mee en vermeld in de brief:
  • Anamnese: duur AF, aard/classificatie AF, bijkomende klachten
  • Voorgeschiedenis: co-morbiditeit
  • Labuitslag: nierfunctie, Hb, TSH, leverfunctie
  • Medicatie
  • Vraagstelling:

Traject in het ziekenhuis

Onderscheid traject EHH, poli cardio voor analyse of 1e lijns echocardiografie.

Info aan de patiƫnt

Wordt opgeroepen vanuit Meander zodra de Zorgdomeinverwijzing is binnengekomen op de poli cardiologie.

Specialist: info aan de huisarts

Brief met uitslag en behandeladvies volgt zo snel mogelijk na polikliniekbezoek per edifact.

Bronnen en samenstellers

Bron: NHG standaard Atriumfibrilleren (2017), NHG Standpunt Anticoagulantia (2016), AF Connect concept Medicamus (2017), ESC richtlijn (2017)
Deze werkafspraak is samengesteld door: J.M. Hollweg, huisarts, C. Krevel, huisarts, M. Smits- Schaffels, huisarts, S.M. Roeffel, cardioloog (MeanderMC), E. Oudshoorn, kaderhuisarts Hart- en vaatziekten (Huisartsen Eemland Zorg), I.C. Tchaoussoglou, huisarts/ medisch coördinator (MCCE)